Aan boord van de ijsbreker Kapitan Khlebnikov
![]()
Een verslag van een Thika Travel reizigster -oktober 2006-
Dromen die uitkomen…
Na het zien van March of the Penguins, bekroop mij het gevoel dat het ongelooflijk moet zijn de keizerspinguïns met eigen ogen te zien, zonder ervan uit te gaan dat ik er ooit in werkelijkheid zou komen...
Inmiddels is dat ongelooflijke gebeurd: ik ben er echt geweest! Eind augustus kreeg ik de kans om mee te gaan op de eerste van drie expeditiereizen naar Snowhilleiland met de Kapitan Klebnikov, een Russische ijsbreker. Daar heb ik precies een uur over nagedacht en toen geboekt.
Was het bijzonder? Er zijn nauwelijks woorden voor, maar ik probeer het toch.
Na vertrek op 9 oktober met de ‘Kleb’ uit Ushuaia, varen we twee dagen in de gevreesde Drake Passage. Deze ‘draak’ gedraagt zich voorbeeldig; we rollen nauwelijks heen en weer.
Op 12 oktober zijn we al in de Weddellzee en vaart de Kapitan Klebnikov het ijs op en daar liggen we dan. Klaar voor ons bezoek aan de kolonies keizerspinguïns. Het is prachtig weer en om ons in de stemming te brengen gaan we met de helikopters - er zijn er twee - in groepen van boord om het gebied vanuit de lucht te bekijken. Dat levert natuurlijk de meest prachtige uitzichten op: ijsbergen in allerlei vormen, ijsvlaktes en ja… in de verte zien we wat stippen, is het waar? We hebben de eerste keizerspinguïns ‘gespot’! Nu kunnen we nauwelijks wachten totdat we morgen echt naar de kolonie zullen gaan.
De volgende dag vroeg op en snel ontbijten. Vlug onze kleren aan, bestaande uit zoveel mogelijk lagen, we moeten het immers zo lang mogelijk zien vol te houden in de kou. Alhoewel, kou? Het is prachtig weer. Iets onder nul en een mooi zonnetje.
We vertrekken rond 08.00 uur en vliegen een minuut of acht met de helikopter. De vluchten zijn leuke extra’s, het gezicht op al die ijsbergformaties is heel bijzonder. We worden gedropt achter een van die ijsbergen, uit het zicht van de kolonie om de pinguïns niet op te schrikken. Bijna 2 kilometer volgen we een met vlaggen gemarkeerde route, een flinke klus met al die zware fotoapparatuur.
Maar we komen er! Ook al zou je ze niet van verre zien, dan hoor je ze wel. De kleintjes ‘fluiten’ om het hardst en de ouder(s) voegen daar het nodige - iets minder welluidend - aan toe.
Ondertussen worden wij steeds stiller. Het is een overweldigend gevoel op een plaats te zijn waar niemand komt en dat jij daar wel staat en niet kijkt naar een film, maar naar de werkelijkheid… Dat maakt ook dat je jezelf wel klein en onbelangrijk voelt. Maar filosoferen kan ook achteraf, nu is het vooral genieten van alles wat je ziet!
Keizerspinguïns overal en vooral die schattige kleintjes. Je zou ze zo in je zak stoppen en meenemen; ze zien er echt uit als speelgoedbeestjes. De volwassenen zijn mooi en zeer fotogeniek in hun zwart, wit en gele verenkleed. We maken duizenden foto's van duizenden pinguïns. En nooit is het genoeg, de pinguïns zijn echt geweldig. We liggen vaak letterlijk op het ijs zonder last te hebben van de kou; zou dat de spanning zijn?
Maar het is ondertussen 5 uur ’s middags. We moeten nog een eind lopen naar de plek waar de helikopter wacht om ons naar het schip terug te brengen en zo snel als ’s ochtends loop je niet, het is kouder en je bent ook wel een beetje moe.
Nadat we ons uit al die lagen gepeld hebben, snel een warme douche en op naar een welverdiend drankje. Vervolgens tijdens het vijf-gangendiner ervaringen uitwisselen met de medepassagiers, foto’s laden op de laptop, de batterijen opladen, alles startklaar leggen voor morgen en dan maar je eigen film bij elkaar dromen…
De volgende dagen is het ritueel hetzelfde: vroeg uit de veren, snel ontbijten en in de helikopters. Het weer is iedere dag weer een verrassing. Zo is er een bewolkte en windstille dag waarop we naar een andere kolonie gaan, naar ons idee nog mooier.
De kolonie staat verder uit elkaar, is eigenlijk opgedeeld in verschillende groepen, en daardoor kunnen we het gedrag van de afzonderlijke pinguïns – volwassenen en kroost – wat beter bekijken. En ja, dat is minstens even indrukwekkend. Zouden dieren in het wild ooit vervelen? Wij kunnen het ons niet voorstellen.