Costa Rica is het land van de
doodshoofdaapjes, luiaarden en de quetzals. In de nevelwouden en de
tropische regenwouden leven totaal verschillende diersoorten.
Monteverde en Santa Elena zijn de nationale parken die bekend staan
om de vele tropische vogelsoorten en kolibries. In Corcovado gaat u
in het ongerepte regenwoud op zoek naar de grote zoogdieren, zoals
miereneters en zelfs jaguars.
Ook beide kusten hebben veel te bieden.
Het park Manuel Antonio heeft schitterende mangrovebossen waar
doodhoofdsaapjes leven. Op de stranden aan de Caribische kust
leggen beschermde zeeschildpadden hun eieren.

Quetzal
De quetzal is de nationale vogel van Guatemala maar wordt vooral
gezien in Costa Rica en Panama. Het is zonder twijfel de mooiste
soort uit de familie van trogons. Quetzals hebben prachtige, felle
kleuren en de mannetjes hebben lange, sierlijke staarten. Ze komen
voor in nevelwouden en zijn moeilijk te zien omdat ze vooral in de
boomkruinen leven. In Costa Rica leven ze nog in Monteverde, Santa Elena en
in het nevelwoud van Cerro de la Muerte.

Doodshoofdaapjes
In Costa Rica komen doodshoofdaapjes in grote getale voor in het
nationale park Manuel Antonio. Hier
ontmoet het regenwoud de Pacifische Oceaan, het ideale leefgebied
van deze aapsoort. Ze leven in grote groepen en bewegen zich in de
bomen voort met korte sprongen. Vanaf augustus is het mogelijk om
ook jongen te zien die zich vlak na hun geboorte al vastklampen aan
de rug van hun moeder en op die manier vervoerd worden.

Luiaarden
Luiaarden hebben zich volledig aangepast aan een boomklimmende
levensstijl. Bladeren zijn hun voornaamste voedselbron, die leveren
echter weinig energie en worden niet makkelijk verteerd. Is dat
misschien de reden waarom deze grappig uitziende dieren niet zo
snel zijn? De luiaard loopt op de grond niet sneller dan 2,5 meter
per minuut. Wist u dat een luiaard gemiddeld één keer per week uit
de boom komt om zijn behoefte te doen? Aan de Caribische kust, bij Cahuita, zijn
luiaarden goed te bewonderen in het
luiaardenopvangcentrum!