De monarchvlinder komt overal ter wereld voor maar het meest in
Noord-, Midden- en Zuid-Amerika. In dit deel van de wereld is de
monarchvlinder met een 3.000 kilometer lange vlucht de meest verre
migrant onder de insecten.
De monarchvlinders overwinteren in het berggebied westelijk van
Mexico-Stad. Als het in januari en februari warmer wordt, begint de
gigantische vlucht naar het noorden. Miljoenen monarchvlinders
zorgen dan met hun gefladder en prachtige felle kleuren voor een
adembenemend schouwspel.

Het mysterie van de migratie
Het blijft voor mensen nog altijd een mysterie hoe de
monarchvlinders hun weg vinden. Reizende vlinders leven maar vier
tot zes weken maar blijkbaar is iedere generatie vlinders
geprogrammeerd om de reis voort te zetten. Vanuit Mexico zijn er
drie tot vier generaties nodig om zover als New Jersey te reizen.
De laatste generatie wordt in de herfst geboren en leeft dan
ongeveer acht maanden. En deze vlinder vliegt dan in november weer
terug naar dezelfde plek in Mexico. Geheel op instinct vliegen de
achterkleinkinderen van de oorspronkelijke monarchvlinders terug
naar een beginpunt dat zij nooit eerder zelf hebben gezien.